Drovers hotel – Blaen Y Cae

Blaen Y Cae

I was a wild drover

Soms leveren vakanties leerzame ontmoetingen op. Het begon met het boekje ‘Rhinogydd – Ancient Routes and Old Roads’ van Jean Napier dat we in een klein boekenwinkeltje in Bala kochten. Eigenlijk om de mooie foto’s – Napier is fotograaf. Het bleek mee een historisch overzicht over de Drovers. Nooit van gehoord natuurlijk, maar eeuwenlang was dit de enige manier van veetransport over langere afstanden. Over oude smalle weggetjes door de bergen, vaak al door de Romeinen aangelegd, werd een verzamelde kudde door de drovers vanuit Wales naar het rijkere Engeland gestuurd. Soms wel helemaal door tot aan Londen waar de groei van de stad voor een enorme vraag naar vlees zorgde. Onderweg waren er dan pleisterplaatsen nodig om te slapen en het vee te laten grazen. Die pleisterplaatsen waren boerderijen waar ze welkom waren. Niet iedere boer was zo gecharmeerd van dat vreemde volk met beslagen koeien en de plekken waar ze welkom waren werden vaan aangegeven met drie Scottish pines zodat ze niet tevergeefs naar een boerderij liepen.

Drie Scottish pines
De kenmerkende drie Scottish pines

Blaen Y Cae was zo’n boerderijtje waar de koeien na een barre tocht door de bergen van de Rhynogydd tot rust konden komen. Het is een gebouwtje van niks maar er was plek voor een man of tien, een paar Welsh Corgies die als herdershond de koeien in de poten beten om het tempo er een beetje in te houden en 50-100 koeien, soms nog meer. En het zorgde voor een welkome aanvulling op de inkomsten.

Het gebied is de afgelopen eeuw helaas droger gemaakt en in gebruik geweest voor productiebossen. Inmiddels wordt dat teruggedraaid en is de regio weer een prachtige plek met kleine plasjes, ruw moerassig grasland, extensieve veehouderij en een paradijs voor vogels als leeuweriken, tapuiten en kiekendieven. De Drovers waren al na de komst van de trein uit beeld verdwenen, het gebouwtje is in onbruik geraakt maar de weilanden er omheen zijn door de langdurige bemesting nog steeds in gebruik bij een schapenboer.